China steekt Japan voorbij en wordt tweede grootste economie ter wereld

augustus 12, 2010 3 commenteren

Na decennia van explosieve economische groei in China (een jaarlijks gemiddelde groei van 9,5%) en een blijvende economische stagnatie in Japan, is China erin geslaagd om de tweede grootste economie van de wereld te worden. [1] Hoewel dit goed nieuws lijkt te zijn, heeft deze economische groei zich nog niet kunnen vertalen in een stijging van de welvaart voor het Chinese volk. Zo moet men in China nog steeds stellen met een gemiddeld nationaal inkomen van 3 800 dollar per maand, nog geen 10% van Japan (40 000 dollar). [2]

Ondertussen beseft China ook dat deze groei niet kan blijven voortduren. De steeds groeiende inflatie (vooral aangewakkerd door de stijgende voedselprijzen) doet de (nog steeds communistische) regering in China beseffen dat deze groei moet ingeperkt worden.

Deze economische groei is evenwel niet alleen slecht nieuws voor Japan. Vandaag is China namelijk het grootste exportland van Japan geworden, terwijl het Chinees toerisme in Japan (meer dan 500.000 per jaar) een belangrijke inkomstenbron is voor het land. [3] De steeds groeiende handelsbetrekkingen tussen de twee landen brengen de vroegere aartsvijanden dichter bij elkaar, iets wat tot voor kort onmogelijk zou zijn geweest.

De voorspellingen gaan te ronde dat de Chinese economie in 2025 die van de Amerikaanse zal voorbijsteken. Ondertussen zijn de Verenigde Staten niet opgezet met deze situatie en zeker niet als hierdoor hun belangrijkste en trouwste partner in Azië, Japan, meer zou aanleunen bij de nieuwe economische grootmacht. Of China in 2025 nog zulke groeiresultaten zal kunnen verwezenlijken, is natuurlijk nog de vraag. Niet lang geleden dacht men nog dat Japan de Amerikaanse economie zou voorbijsteken…

 

Geschreven door Erik Langerock



[1] “China overtakes Japan as No.2 economy”, Reuters, 30 juli 2010, http://www.reuters.com/article/idUSTRE66T1HT20100730

[2] “China nu op één na grootste economie ter wereld”, Het Nieuwsblad, 31 juli 2010, http://www.nieuwsblad.be/article/detail.aspx?articleid=G4U2TGQQF

[3] “Japan en China stimuleren elkaar”, Pluspost.nl, 20 juli 2010, http://www.pluspost.nl/japan-en-china-stimuleren-elkaar/38865

Share
Tags: , , , Economie
3 commentaren to “China steekt Japan voorbij en wordt tweede grootste economie ter wereld”
  1. Arnold zegt:

    Goed dat jullie economische actua volgen, maar het zou nog beter zijn om er opinie bij te krijgen.

    Er bestaat geen enkel gevaar dat Japan zich zal alliëren met China, verwacht binnenkort hiervoor een verwijzing naar een artikel van mij.

    Dat de VS economisch te vrezen heeft door Japan is een fabeltje: de import van China is stukken groter dan die van Japan, export naar China is 60% van die naar Japan, maar dit aandeel stijgt jaarlijks met 5%.

    Het probleem dat het Westen heeft met China is haar ondergevalueerde munt, zodat Chinese producten te goedkoop zijn in vergelijking met hun werkelijke productiekosten. Dit is valse competitie tov ons. Hoe kan je zo’n dingen oplossen? 1) Valuta zonder overheidsinmenging = vrije markt 2) Politioneel supranationaal orgaan met genoeg macht om in te grijpen= Wereldhandelsorganisatie.
    Het falen van optie 2 toont het belang van een vrij markt aan. (Maak nu niet de foute denksprong van vrije markt vast te pinnen als uitsluitend kapitalistisch fenomeen).

  2. Frederik zegt:

    Elke economische competitie tussen landen die sterk verschillende sociale normen hanteren is vals, beste Arnold. Met “slavenarbeid” zul je nooit kunnen concurreren, tenzij je zelf “slavenarbeid” toelaat. Indien het niet “vals” was, dan zou er gewoon geen vrijhandel bestaan. Door te beweren dat de Chinese export enkel te danken is aan de yuan, laat je uitschijnen dat de omstandigheden voor de rest gelijk zijn. Het succes van de Chinese export wordt versterkt, maar niet veroorzaakt door de koers van de yuan.

    Je kunt ook niet over China spreken, zonder de VS te vernoemen. Ze zijn wederzijds afhankelijk van elkaar geworden. Ze vormen een symbiose of zelfs een condominium. Zonder de dollar zouden er geen structurele Amerikaanse handelstekorten mogelijk zijn (weer vals spel dus) en zou de Chinese export naar Amerika evenredig met de Amerikaanse productie zijn. Dankzij het papiergeld van de Federal Reserve kunnen de VS echter heel de wereld opkopen, hun oorlogen laten financieren (opnieuw vanwege grondstoffen én de positie van de dollar) en hun binnenlandse consumptie op peil houden. Dat alles wordt grotendeels mogelijk gemaakt door China, maar het is al te simpel om China van alles de schuld te geven. Cui bono?

    Mijn laatste punt van kritiek betreft de aard van wat geld is en zou moeten zijn. U spreekt over “valuta zonder overheidsinmenging”. Geld is in zijn verbruik een publiek, geen privaat goed, wat dus een vorm van “overheid” vereist. Zonder overheid zou iedereen immers aan geldschepping (valsmunterij) kunnen doen en dat is wat banken nu in wezen doen door girale en andere vormen van geldschepping. (Het onderscheid tussen overheid en markt vervalt trouwens als het op geldschepping aankomt, want indien het systeem zichzelf zou kunnen organiseren zouden er zoveel instellingen niet bestaan om over de “stabiliteit” ervan te waken.) Valsmunterij is ook wat de Federal Reserve doet door handelstekorten op te stapelen en de dollarhoeveelheid in de wereld tot ongeziene proporties op te blazen (de ruimste geldhoeveelheid, M3, wordt al enkele jaren niet meer berekend).

    Daarnaast ben ik te vinden voor systemen met complementair geld. Voor mijn part mogen mensen die dat willen opnieuw met schelpen of tabaksbladeren betalen (zoals de Polynesiërs of de Indianen vroeger), zolang ze maar beseffen dat geld aan twee voorwaarden moet voldoen: het moet een universeel ruilmiddel en een stabiele waardemeter zijn. In Duitsland bestaan er tal van Freigeld-initiatieven, die evenzoveel parallelle circuits vormen ten opzichte van de euro- en dollar-economieën. Een geldsysteem dat echter, zoals het kapitalistische, op permanente inflatie berust is intrinsiek frauduleus (“A money ticket, under a corrupt system, wobbles” Ezra Pound).

    Je zegt (terecht) dat kapitalisme niet hetzelfde is als vrije markt. Vrije markt is het opium van het kapitalisme. Zoals de communistische propaganda zich bediende van het “socialisme” als toekomstige utopie (het communisme was de tussenstap), zo bedient de kapitalistische propaganda zich van de “vrije markt”. En zoals het woord het zelf zegt: utopieën zijn niet van deze wereld. Zou jouw versie van de vrije markt zo vrij zijn om complementair geld toe te laten? Daarvoor heb je op zijn minst een overheid nodig. Wat zou een geldsysteem zonder overheidsinmenging doen met de dollar als internationale reservemunt? Kan een markt, zoals die van olie en andere grondstoffen, in dollars “vrij” worden genoemd? Dat laatste enkel indien ervan uitgegaan wordt dat een munteenheid een neutraal gegeven is, wat het niet is voor de instantie (de Fed) die het uit het niets mag scheppen. Een systeem (vrije markt) dat uitgaat van de hebzucht (avaritia) kan nooit schone vruchten voortbrengen. De vrije markt is evenzeer als het communisme een materialistisch gedrocht. Er kan geen bescherming van het eigendomsrecht en geen verwezenlijking van de vrijheid zijn in een context van onbeteugelde hebzucht. Enkel de “staat” (maar dan niet het lege liberaal-democratische omhulsel), niet de markt, heeft het potentieel om orde en rechtvaardigheid te verzekeren.

Geef een commentaar

(verplicht)

(vereist)


KASPER: Geschiedenis en Traditie

KASPER is een academische en elitevormende vereniging. Deze inhoudelijke visie veruiterlijkt zich ook in in de vorm. Deze unieke...

Visie KASPER

Organisatorische visie De werking van KASPER dient zich op lange termijn te onderscheiden in twee grote sublagen. Enerzijds en...

Politieke Beginselverklaring KASPER

Studenten en academici, Een noodzakelijke en zorgvuldig voorbereide nieuwe organisatie is opgericht. De studenten die geen boodschap hebben aan...